Home soemoed mei-augustus 2026 | nr 3-4

mei-augustus 2026 | nr 3-4

Inhoud | jaargang 54-3-4|
  • Het recht op terugkeer (pp. 4-5).
  • Mijn tante Fatima … hoe geloof kracht geeft in moeilijke tijden (pp. 6-8).
  • Wat staat er op het spel nu de Palestijnen voor het eerst sinds jaren weer naar de stembus gaan ? (pp. 9-11)
  • Gaza: gemeenteraadsverkiezingen & aanhoudende massale ontheemding (pp. 12-13).
  • De crisis rond vermiste kinderen in Gaza escaleert (pp. 14-15).
  • Gaza na zes maanden staakt-het-vuren: puinhopen, geen perspectieven (pp. 16-17).
  • Hoe nieuw Israelisch beleid de humanitaire hulp aan Gaza afsnijdt (pp. 18-21).
  • WHO: met de wederopbouw van de gezondheidszorg in Gaza zal 10 miljard dollar gemoeid zijn (p. 21).
  • ‘Alles wat ze zullen aantreffen is zand’ – over de sloop van Gaza (pp. 22-28).
  • Verwoesting zaaien – uitwissing als Israelische strategie (pp. 29-30).
  • De Orwelliaanse Vredesraad van Trump bestaat uitsluitend uit mensenrechtenschenders (pp. 31-33).
  • Gaza: ontwapening als valkuil (pp. 34- 37).
  • Waardigheid en vastberadenheid: Francesca Albanese’s Terwijl de wereld slaapt geeft een menselijk gezicht aan het leven van de Palestijnen (pp. 38-40).
  • De Palestijnse bevrijdingsstrijd tijden van genocide en imperiale oorlogvoering (pp. 41-44).
  • De nieuwe Israelische Wet inzake de Doodstraf geldt alleen voor Palestijnen (pp. 45-46).
  • In Oost-Jeruzalem staat ‘een hele Palestijnse gemeenschap op het punt te worden verdreven’ (pp. 47-48).
  • In Nabloes ‘moet je om te overleven niet aan morgen denken’ (pp. 49-51).
  • Geen vergunning, geen werk, geen toekomst: dat is het leven van arbeiders op de Westelijke Jordaanoever kapot gemaakt door Israels werkverbod (pp. 52-54).
  • Palestijnen eruit, buitenlandse arbeiders erin: hoe Israel zijn beroepsbevolking vervangt (pp. 55-58).
  • Israels economie: hoe staat die ervoor ? (p. 59)
  • Verschroeide aarde, verwoeste huizen: een onderzoek naar de methodische vernietiging van Zuid-Libanon door het Israelische leger (pp. 6-62).
  • Israel: 730 miljoen dollar voor propaganda (p. 63).

Redactioneel
Genocide, etnische zuivering gaan ‘gewoon’ door

Een van de effecten van de Israelisch-Amerikaanse agressie-oorlog tegen Iran is geweest dat de voortgaande genocide in Gaza en de grootschalige campagne van etnische zuivering op de Westelijke Jordaanoever grotendeels buiten beeld zijn geraakt.

Was de Strook van Gaza – met ruim 2 miljoen bewoners op een oppervlakte van 1,5 keer het Waddeneiland Texel – al een van de dichtstbevolkte gebieden ter wereld, inmiddels is het deel van het grondgebied van Gaza waar Palestijnse ontheemden door de Israelische bezettingsmacht bijeen gedreven zijn, de achterliggende maanden van 50 procent tot zo’n 30 procent ingekrompen. Voor hun overleven zijn de Palestijnen daar sterker dan ooit afhankelijk van de invoer van hulpgoederen. Israel legt daaraan sinds de hervatting van de Amerikaans-Israelische Iran-oorlog opnieuw grote beperkingen op. Ondanks een staakt-het-vuren komen nog dagelijks Palestijnen door Israelisch geweld om het leven. Kortom, Tel Aviv werkt zijn genocidale agenda gewoon verder af.

Op de Westelijke Jordaanoever voeren joodse kolonisten, vaak in samenwerking met Israelische militairen, een waar schrikbewind tegen daar woonachtige Palestijnen. Vooral in het zogeheten C-Gebied – ruim 60 procent van de totale oppervlakte van de Westelijke Jordaanoever – zijn inmiddels vanwege aanhoudende terreur complete bedoeïenengemeenschappen van hun grond verdreven. Verder worden in bezet Oost-Jeruzalem – dat deel uitmaakt van de Westelijke Jordaanoever – door middel van onteigeningsprocedures, met name in de wijk Silwan, Palestijnen uit hun huizen gezet, die vervolgens door joodse kolonisten in bezit worden genomen. Elders in de stad moet een hele Palestijnse woonwijk plaats maken voor de aanleg van een Bijbels themapark. In het achterliggende jaar zijn in enkele grote steden op de Westelijke Jordaanoever – waaronder in Nabloes en Jenin – door het Israelische leger, planmatig, enorme verwoestingen aangericht, als gevolg waarvan tienduizenden Palestijnen hun huizen hebben verloren en naar elders hebben moeten uitwijken.

In dit nummer van Soemoed wordt in diverse bijdragen uitvoerig op deze ontwikkelingen ingegaan.

Krachtig optreden van de kant van ‘de internationale gemeenschap’ tegen deze verdere escalatie van Israelisch geweld tegen de Palestijnen blijft nog altijd uit. Zeker, enkele kolonistenleiders kunnen Europa niet meer inreizen en tegen enkele Israelische kopstukken is door het Internationaal Strafhof (ICC) strafvervolging in gang gezet. Het antwoord van de kant van Nederland op voortgaande genocide en etnische zuivering beperkt zich tot het voorstel van de centrumrechtse regeringscoalitie van premier Rob Jetten om in EU-verband producten uit de volkenrechtelijk illegale joodse nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever te gaan boycotten. Het gaat hier echter om slechts enkele procenten van de Israelische export. Ondanks alle voorspelbare officiële verbale protesten zal men zich in Tel Aviv binnenskamers om ‘deze stap’ doodlachen. Voor de groeiende Israel-kritische publieke opinie in het Westen blijft het allemaal too little, too late. Als vanouds staan de Palestijnen er op de grond  alleen voor.

En dan is er nog Donald Trumps zogeheten Vredesraad (Board of Peace). Sinds de met veel mediaspektakel omgeven lancering daarvan in februari van dit jaar wordt daarover nog maar weinig vernomen. Dat wil niet zeggen dat er niets gebeurt. Vooralsnog wordt ingezet op de ontwapening van HAMAS – een absurde prioriteit al was het alleen al vanwege de zich almaar uitbreidende bezetting van Gaza door Israel.

Trumps Vredesraad – bestaande uit (autoritaire, populistische) regeringsleiders  – heeft mondiale ambities. Van meet af aan is deze dan ook door critici gezien als een door Trump georganiseerd alternatief voor de Verenigde Naties. Voor Gaza zijn de zaken gedelegeerd naar een Uitvoerende Raad voor Gaza. Trump is daarvan de voor het leven benoemde voorzitter die statutair in alle kwesties het laatste woord heeft. Naast Trump hebben de Amerikaanse vastgoedhandelaren Steve Witkoff en Jared Kushner daarin zitting, evenals de voormalige Britse premier Tony Blair – allen met een politiek en zakelijk besmet verleden. Zo is Kushner de promotor van de omvorming van Gaza in een tweede Rivièra aan de Middellandse Zee – een hoogbouw-vastgoed-fantasie waarin voor de Palestijnen nog slechts een plaats op de achtergrond zal resten. Het plan is met veel fanfare door Kushner gepresenteerd tijdens het World Economic Forum in Davos in januari van dit jaar. Naar verluidt stagneert de financiering ervan (om van de Raad deel uit te mogen maken, wordt van de regeringsleiders verlangd dat zij elk 1 miljard dollar inleggeld fourneren).

Van de Uitvoerende Raad voor Gaza maakt ook de Nederlandse oud-VN functionaris en oud-politica Sigrid Kaag deel uit. Critici hebben zich afgevraagd wat zij in dit hoogst twijfelachtige gezelschap te zoeken heeft. Vragen daarover in praatprogramma’s werden door haar afgewimpeld: ‘Ik heb niet gesolliciteerd, ik ben gevraagd’ en ‘Ik word er niet voor betaald’. Alsof dat iets aan de kritiek afdoet. Weer een ander argument van Kaag is dat ‘aan de vorming van de Raad een VN-Veiligheidsraadbesluit ten grondslag ligt’. Maar dat is wel dezelfde VN die Trump juist om zeep wil brengen, onder meer door de Verenigde Staten terug te trekken uit een lange lijst VN-organen/VN-verdragen ! Dat zij, volgens eigen zeggen, door deel te nemen ‘er wellicht nog iets voor de Palestijnen uit kan slepen’, berust op een grove inschattingsfout. Ondertussen geeft zij met haar reputatie van gedegenheid legitimiteit aan een op voorhand verwerpelijk ‘wederopbouwplan’.

Ter afsluiting een optimistische noot: de voor Israel en de Verenigde Staten zeer ongunstig verlopen oorlog tegen Iran heeft, naar het zich laat aanzien, de politieke verhoudingen in de regio en ver daarbuiten behoorlijk opgeschud en daarbij de positie van Israel – als drijvende kracht achter die oorlog die zich inmiddels tot Libanon heeft verbreed – verder ondergraven.

Gaza na zes maanden staakt-het-vuren: puinhopen, geen perspectieven

Rafeef Ziadah

De gemeenteraadsverkiezingen op de bezette Westelijke Jordaanoever en in de stad Deir al-Balah in Centraal-Gaza op 25 april zijn door FATAH, de dominante factie binnen het Palestijns Nationaal Gezag, al snel neergezet als een verpletterende overwinning.

Het loont echter de moeite om eens nader te bekijken hoe die verkiezingen waren georganiseerd. Kandidaten moesten zich verbinden aan het politieke programma van de Palestijnse Bevrijdingsorganisatie (PLO), dat onder meer de erkenning van Israel, het afzweren van gewapend verzet en het streven naar een twee staten-oplossing omvat. Dit was een voorwaarde die algemeen werd gezien als een feitelijke uitsluiting van HAMAS, dat dit beleid niet ondersteunt.

HAMAS – dat zich naar verluidt voorbereidt op verkiezingen voor zijn leiderschap, dat tijdens het 30 maanden durende conflict in Gaza is gedecimeerd – heeft geen kandidaten opgesteld. Een aantal andere groeperingen, waaronder het Volksfront voor de Bevrijding van Palestina (PFLP), het Democratisch Front voor de Bevrijding van Palestina (DFLP), de Palestijnse Volkspartij (PPP), de Palestijnse Democratische Unie (FIDA) en het Palestijns Nationaal Initiatief (Al-Mubadara) hebben er eveneens voor gekozen geen kandidaten voor de verkiezingen op te stellen.

Het is belangrijk om dit in gedachten te houden bij het bekijken van de opkomst en de resultaten. Op de Westelijke Jordaanoever bedroeg de opkomst ongeveer 56 procent, maar lijsten die gelieerd zijn aan FATAH werden in 197 raden zonder tegenkandidaten gekozen, dat wil zeggen in ongeveer de helft van alle gemeenten in deze verkiezingsronde.

In de Strook van Gaza vond de stemming alleen plaats in de centraal gelegen stad Deir al-Balah. Hier lag de opkomst aanzienlijk lager, namelijk rond de 23 procent, wat een weerspiegeling vormt van de massale ontheemding, onvolledige kiezersregisters en het grote aantal slachtoffers. De door FATAH gesteunde lijst behaalde zes van de vijftien zetels. Een lijst die algemeen wordt gezien als gelieerd aan HAMAS, veroverde twee zetels, terwijl de overige zetels naar niet-gelieerde groeperingen gingen.

Voor het door FATAH gedomineerde Palestijns Nationaal Gezag (PNA) dienen deze gemeenteraadsverkiezingen verschillende doelen. Deze werden gepresenteerd als een manier om de politieke band tussen de Westelijke Jordaanoever en Gaza te bevestigen en om aan te geven dat de PNA een blijvende rol zal spelen in het toekomstige bestuur van Gaza. Zij bieden tevens een platform om de toekijkende wereld hervormingen te beloven op een moment dat de PNA onder druk staat om zijn politieke legitimiteit aan te tonen.

Terwijl er op de Westelijke Jordaanoever regelmatig gemeenteraadsverkiezingen zijn gehouden, hebben er daar sinds 2005 en 2006 geen presidents- en parlementsverkiezingen meer plaatsgevonden. In de tussenliggende twee decennia is de bezorgdheid over de machtsconcentratie onder FATAH-leider Mahmoud Abbas toegenomen. In deze context vormden de gemeenteraadsverkiezingen een vorm van participatie waarbij er minder op het spel stond dan bij parlements- of presidentsverkiezingen. Het was een manier om electorale activiteit te tonen zonder de bredere kwestie van het nationaal leiderschap aan de orde te stellen.

In plaats van een duidelijk mandaat wijzen de resultaten eerder op een beperkt politiek landschap, dat zowel wordt bepaald door uitsluiting en beperkte participatie als door electorale concurrentie. Wat deze verkiezingen in de praktijk zullen veranderen, is onduidelijk, met name in Gaza, dat nog steeds gebukt gaat onder 30 maanden genocidale oorlog.

Gaza in puin

Volgens de VN zijn meer dan 1,9 miljoen mensen – tussen 80 procent en 90 procent van de bevolking van Gaza – ontheemd geraakt, zes maanden na het begin van wat een staakt-het-vuren zou hebben moeten zijn. Gezinnen leven in beschadigde huizen, tenten of overvolle opvangcentra, zonder betrouwbare toegang tot schoon water, elektriciteit, voedsel of gezondheidszorg.

Volgens de World Health Organization (WHO) functioneren er slechts 19 van de 36 ziekenhuizen in Gaza, en dan ook nog gedeeltelijk, en is bijna de helft van de essentiële medicijnen op. De omstandigheden in de opvangcentra verslechteren. Ongeveer 81 procent van die centra kampt met knaagdieren of ander ongedierte, wat 1,45 miljoen mensen treft en de risico’s voor de volksgezondheid vergroot.

Een recente gezamenlijke beoordeling van de World Bank, de EU en de VN schat dat het herstel en de wederopbouw van de Strook van Gaza ruim 70 miljard dollar zullen kosten. Met het herstel van woonhuizen zal alleen al 18 miljard dollar gemoeid zijn, terwijl zo’n 68 miljoen ton puin moet worden afgevoerd voordat met de wederopbouw kan worden begonnen.

Wederopbouw hangt echter af van het verkrijgen van toegang tot bouwmaterialen, grond en infrastructuur en Israel houdt nog steeds de algehele controle over deze zaken. De Israelische autoriteiten controleren de toegang van hulpgoederen tot Gaza, leiden leveringen via slechts één enkele grensovergang, leggen inspectieregels op die zendingen vertragen of tegenhouden en sluiten grensovergangen zelfs volledig af. De hoeveelheid hulpgoederen die Gaza binnenkwam, daalde met 37 procent in de drie maanden tot april 2026, terwijl de aanvallen en andere schendingen van het staakt-het-vuren voortduren.

wederopbouw zonder Palestijnen

Terwijl de bevolking van Gaza in deze omstandigheden verkeert, gaan buitenstaanders door met plannen om de toekomst van Gaza vorm te geven. In november 2025 keurde de VN-Veiligheidsraad Resolutie 2803 goed, waarmee steun werd gegeven aan een door de Verenigde Staten geleid initiatief, bekend als ‘de Vredesraad’ (Board of Peace), om toezicht te houden op het gebied. Toen de Vredesraad op 19 februari voor het eerst bijeenkwam, werd er ongeveer 17 miljard dollar aan steun voor wederopbouw toegezegd – waaronder 10 miljard dollar van de Verenigde Staten en aanvullende toezeggingen van Golfstaten zoals de Verenigde Arabische Emiraten, Qatar, Saoedi-Arabië en Koeweit.

De Palestijnen hebben geen vertegenwoordigers in de Vredesraad. Deze wordt voorgezeten door president Donald Trump, die ook de agenda bepaalt en de Raad voor vergaderingen bijeenroept. Israel is daarentegen wél vertegenwoordigd, evenals Trumps belangrijkste gezanten, Jared Kushner en Steven Witkoff, die beiden aanzienlijke zakelijke en vastgoedbelangen in het Midden-Oosten hebben.

Palestijnse maatschappelijke organisaties hebben gewaarschuwd dat de Vredesraad Palestijnen uitsluit van zinvolle besluitvorming en hun recht op zelfbeschikking ondermijnt. Ook Europese regeringen hebben hun bezorgdheid geuit over de concentratie van bevoegdheden in handen van de Amerikaanse president en het gebrek aan toezicht.

Ook de controle over de financiering krijgt vorm. Het Gaza Reconstruction and Development (GRAD)-fonds is opgezet als een financieel intermediair fonds van de Wereldbank, waarbij deze optreedt als ‘limited trustee’. In de praktijk betekent dit dat de Wereldbank het geld van donoren beheert, maar geen zeggenschap heeft over hoe het geld wordt besteed. Wereldbank-president Ajay Banga zit echter ook in het Dagelijks Bestuur van de Vredesraad, waardoor de instelling deel uitmaakt van de politieke structuur die de prioriteiten bepaalt.

In documenten over het GRAD-project beschrijft de Wereldbank dit moment als een kans om de economie van Gaza door middel van particuliere investeringen ‘fundamenteel te hervormen’. De visie, zoals die in de media uitgebreid aan bod is gekomen, is om Gaza om te vormen tot een ‘knooppunt’ in de India-Middle East-Europe Economic Corridor (IMEC) – een corridor die India met het Midden-Oosten en daarbuiten moet verbinden. Het herbouwde Gaza zou een grote haven, hightech industriële ontwikkelingen, datacenters en toeristische resorts omvatten. Er zijn daarbij weinig voorzieningen getroffen voor het herstel van Palestijnse woonhuizen, gezondheidszorg of water- en energie-infrastructuur.

Recente besprekingen met de in Dubai (Verenigde Arabische Emiraten) gevestigde havenbeheerder en logistiek bedrijf DP World lijken de prioriteiten van de Vredesraad te onderstrepen. In april 2026 onderzochten vertegenwoordigers die banden hebben met de Raad de mogelijkheid om het bedrijf in te schakelen voor het beheer van belangrijke onderdelen van de toeleveringsketens van Gaza, waaronder opslag, volgsystemen en het vervoer van zowel humanitaire als commerciële goederen.

Tijdens de gesprekken kwamen ook voorstellen aan de orde voor een nieuwe haven in Gaza of aan de Egyptische kust, evenals een vrijhandelszone. Het is een plan voor markt-gestuurde ontwikkeling in zijn meest geconcentreerde vorm, dat voorziet in de wederopbouw van Gaza ten dienste van regionale en mondiale economische belangen. Het weerspiegelt externe prioriteiten, niet de behoeften ter plaatse in Gaza.

bron: The Conversation (Australië), 29 april 2026

Rafeef Ziadah is Senior Lecturer in Politics and Public Policy (Emerging Economies) aan het King’s College London

vertaling: Jochem van Oosten

De Orwelliaanse Vredesraad van Trump bestaat uitsluitend uit mensenrechtenschenders

Nick Turse

Uit een analyse van The Intercept blijkt dat elk lid van de Vredesraad ooit is berispt wegens mensenrechtenschendingen.

Tijdens de inaugurele vergadering op 19 februari van dit jaar van zijn zelfbenoemde Vredesraad (Board of Peace), eerder deze maand, kondigde president Donald Trump vrede in het Midden-Oosten aan, terwijl hij tegelijkertijd de regio in een verwoestend conflict leek te gaan storten door met een hernieuwde aanval op Iran te dreigen. Binnen tien dagen maakte Trump die belofte waar door samen met Israel een grootschalige campagne van dodelijke luchtaanvallen op Iran te ontketenen en zo een groot regionaal conflict te veroorzaken.

Het was een van de vele tegenstrijdigheden die aan het licht kwamen tijdens de bizarre eerste bijeenkomst van Trumps alternatieve Verenigde Naties. ‘Wat prestige betreft is er nooit iets geweest dat hier ook maar in de buurt kwam, want dit zijn de grootste wereldleiders. Dat wordt door bijna iedereen zo gezien en degenen voor wie dat nog niet geldt, zullen dat vroeg of laat alsnog doen,’ zo verkondigde Trump voordat hij een kleine goudkleurige hamer ter hand nam en de bijeenkomst afsloot op de klanken van ‘Y.M.C.A.’ van The Village People. Minister van Buitenlandse Zaken Marco Rubio, lid van het dagelijks bestuur van de Raad, stond in zijn eentje op de achtergrond terwijl Trump enkele van de aanwezige wereldleiders de hand schudde. Rubio sloop weg voordat Laura Branigans hit ‘Gloria’ uit 1982 begon te klinken.

Uit een analyse van The Intercept blijkt dat elke lidstaat van de Vredesraad ooit is berispt wegens mensenrechtenschendingen, waaronder vele door het eigen Ministerie van Buitenlandse Zaken van Rubio. De landen die momenteel niet op de lijst van het ministerie staan – na een witwasoperatie in 2025 waarbij de mensenrechtenrapporten van landen werden gemanipuleerd om Trumps bondgenoten te beschermen tegen eerlijke beoordelingen – werden eerder wel door het Ministerie genoemd.

Oorspronkelijk bedoeld als een middel om toezicht te houden op het wankele ‘vredesplan voor Gaza’, heeft Trump de Vredesraad omgevormd tot een internationaal orgaan onder zijn controle en leiding, dat erop uit is om oorlogen te beëindigen danwel te voorkomen. ‘We gaan wellicht nog een stap verder waar we in de wereld brandhaarden,’ verklaarde Trump. ‘We zullen Gaza helpen, we zullen daar orde op zaken stellen, we zullen het tot een succes maken, we zullen het vredig maken – en we zullen dat soort dingen ook op andere plaatsen in de wereld doen.’

Trump suggereerde zelfs dat zijn groep toezicht op de VN zal gaan houden. ‘De Vredesraad gaat zo ongeveer toezicht houden op de Verenigde Naties en ervoor zorgen dat die goed functioneert,’ zo verklaarde Trump.

Als voorzitter van de Vredesraad – met een benoeming voor het leven ! – bepaalt Trump de samenstelling van de Raad, kiest hij het dagelijks bestuur en heeft hij het laatste woord in alle kwesties, aangezien ‘besluiten worden genomen bij meerderheid van de aanwezige en stemgerechtigde lidstaten, onder voorbehoud van goedkeuring door de voorzitter’, aldus het Handvest van de Raad. Als voorzitter is Trump tevens de ‘hoogste autoriteit met betrekking tot de betekenis, interpretatie en toepassing’ van het Handvest. Eventuele wijzigingen in het handvest moeten ook door Trump worden goedgekeurd.

Trump beheert als voorzitter de financiën van de Raad, waardoor er een soort smeergeldfonds van internationale omvang ontstaat. Een bijdrage van 1 miljard dollar verzekert een permanent lidmaatschap van de Raad, in plaats van een benoeming voor drie jaar waarvoor geen betaling vereist is. Trump zei dat hij ook toezeggingen van meer dan 7 miljard dollar had afgedwongen van negen landen, hoewel uit documenten van de Vredesraad blijkt dat slechts acht landen formeel een verklaring hebben ondertekend waarin zij hun ‘voornemen om middelen bij te dragen aan de Vredesraad’ bevestigen. Van zijn kant beloofde Trump om Amerikaans belastinggeld – ten minste 10 miljard dollar – in de kas van de Raad te storten. De Vredesraad kondigde op zijn beurt ‘meer dan 15 miljard dollar aan financieringstoezeggingen’ aan voor ‘humanitaire hulp en wederopbouwactiviteiten’ in Gaza.

In het Handvest van de Vredesraad staat dat deze ‘onroerende en roerende goederen kan verwerven en vervreemden, gerechtelijke procedures kan aanspannen, bankrekeningen kan openen, particuliere en publieke middelen kan ontvangen en verstrekken en personeel in dienst kan nemen’. Als voorzitter heeft Trump ‘de exclusieve bevoegdheid om aan de Raad gelieerde organen op te richten, te wijzigen of te ontbinden, voor zover dat nodig of passend is om de missie van de Vredesraad te vervullen’. Het blijft onduidelijk hoe de financiële middelen van de Raad zullen worden besteed en of er sprake zal zijn van enig zinvol toezicht op de financiën van de Raad. Het Dagelijks Bestuur – dat door Trump wordt gekozen en gecontroleerd – voorziet volgens het Handvest in ‘toezichtmechanismen met betrekking tot begrotingen, bankrekeningen en uitgaven’.

De Raad zegt dat het door de Wereldbank beheerde Gaza Reconstruction and Development Fund ‘zal opereren onder welomschreven fiduciaire controles, in overeenstemming met wereldwijde best practices’ en dat een ‘AI-gestuurde digitale infrastructuur de transparantie van aanbestedingen zal ondersteunen en Gaza zal transformeren tot een moderne economie, waardoor het risico op corruptie wordt verminderd en verantwoord beheer van het wederopbouwkapitaal ten behoeve van de inwoners van Gaza wordt gewaarborgd.’

Traditionele bondgenoten van de Verenigde Staten, zoals Groot-Brittannië, Frankrijk, Duitsland, Italië, Nieuw-Zeeland, Noorwegen, Polen en Oekraïne, hebben alle geweigerd om tot de Vredesraad toe te treden. Maar Groot-Brittannië, Italië, de Europese Unie en 20 andere landen woonden de inaugurele vergadering van de Board of Peace wél als waarnemers bij.

Naast Trump, Rubio, vicepresident JD Vance, stafchef van het Witte Huis Susan Wiles, Trumps schoonzoon en diplomatiek adviseur Jared Kushner, en Kushners onderhandelingspartner en Trumps vriend Steve Witkoff, namen talrijke wereldleiders als bestuursvertegenwoordigers van hun landen aan de inaugurele bijeenkomst deel. Onder hen bevonden zich de Hongaarse premier Viktor Orbán en de Argentijnse president Javier Milei, beiden trouwe bondgenoten van Trump en bekende autoritaire leiders. Zij en andere leiders kregen rode honkbalpetten in MAGA-stijl cadeau, met daarop de letters ‘USA’.

Trump zei dat andere ‘grote bestuursorganen’ in vergelijking met de Vredesraad ‘peanuts’ waren, omdat in tegenstelling tot deze, bijna alle leden van zijn Raad ‘de leider van hun land’ waren. Terwijl het Dagelijks Bestuur – dat onder meer bestaat uit Trump, Rubio, Kushner en Witkoff – is samengesteld uit individuen, bestaat de Vredesraad zelf uit lidstaten. Zij vormen een ware who’s who van mondiale schurkenstaten.

Rusland en China – al lange tijd opponeneten van de Verenigde Staten en beide zelf consequente grove schenders van de mensenrechten – zijn uitgenodigd om toe te treden. Hoewel de beide grootmachten zich vooralsnog niet hebben aangesloten, telt de Vredesraad volgens de eigen website momenteel 28 leden:

Albanië – Premier – Edi Rama

Argentinië – President – Javier Milei

Armenië – Premier – Nikol Pashinyan

Azerbeidzjan – President – Ilham Aliyev

Bahrein – Koning – Hamad bin Isa Al Khalifa

Wit-Rusland – President – Alyaksandr Loekasjenko

Bulgarije – President – Iliana Iotova

Cambodja – Premier – Hun Manet

Egypte – President – Abdel Fattah al-Sisi

El Salvador – President – Nayib Bukele

Hongarije – Premier – Viktor Orbán [inmiddels oud-premier]

Indonesië – President – Prabowo Subianto

Israel – Premier – Benjamin Netanyahu

Jordanië – Koning – Abdullah II

Kazachstan – President  – Kassym-Jomart Tokayev

Kosovo – President – Vjosa Osmani

Koeweit – Emir – Meshal Al-Ahmad Al-Jaber Al-Sabah

Mongolië – President – Khurelsukh Ukhnaa

Marokko – Premier – Aziz Akhannouch

Pakistan –  Premier – Shehbaz Sharif

Paraguay –  President –  Santiago Peña

Qatar – Emir – Tamim bin Hamad Al Thani

Saoedi-Arabië – Kroonprins en premier – Mohammed bin Salman

Turkije – President – Recep Tayyip Erdoğan

Verenigde Arabische Emiraten – President – Mohamed bin Zayed Al Nahyan

Verenigde Staten – President (voorzitter) – Donald J. Trump

Oezbekistan – President – Shavkat Mirziyoyev

Vietnam – Secretaris-generaal – Tô Lâm

bron: boardofpeace.org/heads-of-state

Alle lidstaten zijn in de twee meest recente jaarlijkse mensenrechtenrapporten van het Amerikaanse Ministerie van Buitenlandse Zaken genoemd in verband met mensenrechtenschendingen, waaronder enkele van de ernstigste schendingen die er zijn.

Vorig jaar bracht het Ministerie van Buitenlandse Zaken onder leiding van Rubio gesaneerde mensenrechtenrapporten uit, waarin mensenrechtenschendingen werden gebagatelliseerd. Toch werd in de analyses nog steeds melding gemaakt van beschuldigingen dat 23 van de 27 buitenlandse lidstaten van de Vredesraad zich schuldig zouden hebben gemaakt aan de misschien wel de meest ernstigee misdaden: buitengerechtelijke of willekeurige moorden en/of foltering. Inclusief de laatste rapporten uit het Joe Biden-tijdperk loopt dit aantal op tot 25. Leden van Trumps Vredesraad behoren in feite tot de ergste mensenrechtenschenders ter wereld, met als belangrijkste onder hen Wit-Rusland, Israel en Saoedi-Arabië.

Het Ministerie van Buitenlandse Zaken en het Witte Huis hebben niet gereageerd op meerdere verzoeken om commentaar. De Vredesraad heeft niet gereageerd op een verzoek op X om de contactgegevens van de afdeling Public Affairs.

Een rapport dat afgelopen zomer door het Ministerie van Buitenlandse Zaken van Rubio werd uitgebracht, nam het Koninkrijk Saoedi-Arabië onder vuur vanwege ‘serieuze mensenrechtenkwesties’, waaronder goed-onderbouwde rapporten over willekeurige of onwettige moorden; verdwijningen; foltering en wrede, onmenselijke of vernederende behandeling of bestraffing; willekeurige arrestatie en detentie – naast vele andere schendingen. ‘De regering heeft geen geloofwaardige stappen gezet of maatregelen genomen om ambtenaren die op verifieerbare wijze mensenrechtenschendingen hebben begaan, te identificeren en te straffen,’ aldus het rapport.

Zelfs het Ministerie van Buitenlandse Zaken van Rubio verwees naar rapporten waarin werd gemeld dat Israel zich schuldig maakte aan ‘willekeurige of onwettige moorden’ en ‘ernstige beperkingen van de vrijheid van meningsuiting en de persvrijheid’. Een VN-commissie die de oorlog in Gaza onderzocht, ging nog verder en stelde vast dat Israel genocide pleegde op de Palestijnen. ‘Het is duidelijk dat er een intentie bestaat om de Palestijnen in Gaza te vernietigen door middel van daden die voldoen aan de criteria die zijn vastgelegd in het Genocideverdrag,’ zei Navi Pillay, de voorzitter van de commissie, afgelopen september. ‘De verantwoordelijkheid voor deze gruweldaden ligt bij de hoogste echelons van de Israelische autoriteiten, die al bijna twee jaar een genocidecampagne hebben georkestreerd met de specifieke intentie om de Palestijnse bevolkingsgroep in Gaza te vernietigen.’

Wit-Rusland is een ander uiterst repressief lid van de Vredesraad. Freedom House – een niet-gouvernementele organisatie die opkomt voor de mensenrechten en het grootste deel van haar financiering ontvangt van de Amerikaanse regering – noemt dat land ‘een autoritaire staat waar verkiezingen openlijk worden gemanipuleerd en burgerlijke vrijheden ernstig worden beperkt’. De organisatie merkte op dat de veiligheidstroepen van het Oost-Europese land ‘journalisten en gewone burgers die het regime van Aleksandr Loekasjenko uitdagen, met geweld hebben aangevallen en willekeurig hebben vastgehouden’. Vorig jaar sprak ook het Amerikaanse Ministerie van Buitenlandse Zaken Wit-Rusland aan op een reeks misstanden, waaronder ‘marteling of wrede, onmenselijke of vernederende behandeling of bestraffing; onvrijwillige of dwangmatige medische of psychologische praktijken; [en] willekeurige arrestatie of detentie’.

‘Oorlog is vrede’ was een van de slogans op de gevel van het Ministerie van Waarheid in George Orwells dystopische roman ‘1984’. Trumps Vredesraad is een voorbeeld van ditzelfde Orwelliaanse dubbel-denken, waarbij tegenstrijdige ideeën als waar worden voorgesteld. De opname van Israel en Wit-Rusland in de Raad zet bijvoorbeeld de schokkende kloof tussen Trumps liga van schurkenstaten en het verklaarde doel ervan in de schijnwerpers.

‘Wat we doen, is heel eenvoudig: vrede. Het heet de Vredesraad en het draait allemaal om een woord dat makkelijk is uit te spreken, maar moeilijk om te realiseren – vrede – maar wij gaan het realiseren,’ zei Trump tijdens de bijeenkomst op 19 februari. De Vredesraad zit echter vol met oorlogszuchtigen die zelfs door het Ministerie van Buitenlandse Zaken van Rubio aan de kaak zijn gesteld. Zo beschuldigde het Wit-Rusland van oorlogsmisdaden, waaronder ‘ernstige misstanden in een conflict, in verband met de medeplichtigheid van Wit-Rusland aan de oorlog van Rusland tegen Oekraïne’; Indonesië van ‘willekeurige of buitengerechtelijke moorden’ bij ‘operaties tegen gewapende separatistische groeperingen’; Israel van ‘voortdurende grootschalige militaire operaties in het dichtbevolkte Gaza’; Pakistan voor ‘ernstige misstanden in een conflict’; en Turkije voor ‘onwettige rekrutering of inzet van kinderen in gewapende conflicten door, door de regering gesteunde gewapende groeperingen buiten het land’.

De grootste vredesbreker in de Vredesraad is echter de Verenigde Staten. Hoewel Trump tijdens de inaugurele vergadering zei dat ‘er niets belangrijker is dan vrede’, heeft hij tijdens zijn tweede ambtstermijn al aanvallen uitgevoerd op Irak, Nigeria, Somalië, Syrië, Venezuela, Jemen, burgers in boten in de Caribische Zee en de Stille Oceaan, en onlangs op Iran.

De regering-Trump beweert ook in oorlog te zijn met ten minste 24 kartels en criminele bendes die zij niet bij naam wil noemen en heeft ook Colombia, Cuba, Groenland, IJsland en Mexico bedreigd.

‘Er heerst momenteel vrede in het Midden-Oosten,’ verklaarde Trump in zijn onsamenhangende toespraak, waarin hij ook dreigde Iran opnieuw aan te vallen om een nucleair programma uit te schakelen dat volgens hem al ‘volledig vernietigd’ was.

Uit een enquête uit 2025 onder 25 landen wereldwijd bleek dat het publiek in 17 daarvan de Verenigde Staten zag als de grootste of op één na grootste internationale bedreiging voor hun land, waaronder de buurlanden van de Verenigde Staten, Canada (59 procent) en Mexico (68 procent). Deze maand bleek uit een peiling van het  Instituts für Demoskopie [in] Allensbach (Duitsland), een marktonderzoeksbureau, dat Duitsers de Verenigde Staten zien als de op één na grootste bedreiging voor de wereldvrede, waarmee het land China voorbijstreeft en dichter in de buurt komt van Rusland.

bron: The Intercept (New York, NY), 2 maart 2026

Nick Turse is senior verslaggever voor The Intercept en schrijft over nationale veiligheid en buitenlands beleid

vertaling: Teun Bots

Israel: 730 miljoen dollar voor propaganda

Israel gaat 730 miljoen dollar in zijn propaganda-apparaat stoppen, hetgeen een duidelijke aanwijzing vormt van groeiende bezorgdheid in Tel Aviv over de ineenstorting van zijn internationale reputatie na de genocide in Gaza en de zich uitbreidende oorlogen in de regio.

Volgens The Jerusalem Post is het budget voor ‘publieke diplomatie’ van Israel, in het Hebreeuws bekend als hasbara, opgevoerd tot 730 miljoen dollar – ruim vier keer zoveel als de 150 miljoen dollar die het jaar daarvoor was uitgetrokken. Dat eerdere bedrag was naar verluidt zelf al ongeveer 20 keer hoger dan de uitgaven van Israel voor dergelijke inspanningen vóór 2023.

De enorme verhoging was opgenomen in de nationale begroting van Israel die in maart werd aangenomen en zal worden beheerd door het Nationale directoraat voor Publieke diplomatie, dat toezicht houdt op de inspanningen om de buitenlandse publieke opinie te beïnvloeden.

De sterke stijging van de uitgaven voor propaganda komt op een moment dat Israel door critici en mensenrechtenorganisaties steeds meer als een paria-staat wordt gezien.

De begrotingsverhoging lijkt een weerspiegeling te zijn van de Israelische vrees dat het vermogen van het land om te rekenen op politieke steun vanuit het Westen aan het afnemen is. Dit geldt met name voor de Verenigde Staten, Israels belangrijkste bondgenoot en wapenleverancier, waar de publieke steun sterk is gedaald.

Uit een in april gepubliceerde peiling van het Pew Research Center bleek dat 60 procent van de volwassenen in de Verenigde Staten nu een ongunstige mening over Israel heeft, een stijging ten opzichte van 53 procent vorig jaar en bijna 20 procentpunten hoger dan in 2022. Slechts 37 procent heeft een gunstige mening over Israel.

Deze verschuiving is zichtbaar in belangrijke geledingen van de Amerikaanse samenleving. Uit onderzoek van Pew blijkt dat 80 procent van de Democraten en de onafhankelijken die naar de Democraten neigen, Israel nu negatief beoordeelt, terwijl ook 57 procent van de Republikeinen onder de 50 een negatief beeld heeft.

Gallup heeft een vergelijkbare trend vastgesteld. Uit een opinieonderzoek van februari kwam naar voren dat de sympathie van Amerikanen niet langer duidelijk bij Israel ligt: 41 procent gaf aan meer sympathie te hebben voor de Palestijnen, tegenover 36 procent voor de joodse Israeli’s. Gallup meldde dat de gunstige beoordeling van Israel was gedaald tot een dieptepunt, terwijl de beoordeling van de Palestijnse Gebieden een nieuw hoogtepunt had bereikt.

De crisis heeft geleid tot openlijke bezorgdheid in politieke kringen in Israel. Het Instituut voor Nationale Veiligheidsstudies in Tel Aviv heeft gewaarschuwd voor een ‘zich verdiepende crisis’ in de positie van Israel in de Verenigde Staten, waarbij het wees op afnemende steun onder jongere Amerikanen, Democraten, jongere Republikeinen en delen van de joodse gemeenschap.

In weer een andere opiniepeiling werd melding gemaakt van toenemend diplomatiek en publieke opinie-isolement en waarschuwde voor een ‘sluipende economische boycot’ nu bedrijven, academische instellingen en maatschappelijke organisaties steeds terughoudender worden om banden met Israel te onderhouden.

Het Israelische Ministerie van Buitenlandse Zaken heeft hierop gereageerd door zijn propaganda op te voeren. Minister van Buitenlandse Zaken Gideon Sa’ar ziet  toe op de oprichting van een speciale eenheid om ‘de boodschap’ internationaal aan te sturen, waarbij er naar verluidt veel geld is gestoken in digitale campagnes, buitenlandse delegaties, het benaderen van influencers en in pro-Israelische belangenbehartigingsnetwerken.

Israel heeft een bureau ingehuurd dat banden heeft met Brad Parscale, de voormalige campagnestrateeg van Donald Trump, om een pro-Israelische campagne op sociale media te voeren. Israel heeft het bureau inmiddels 9 miljoen dollar betaald en het contract ermee verlengd.

Uit berichten blijkt ook dat er een gecentraliseerde ‘media-war room’ is opgezet die de berichtgeving over Israel in honderden media volgt en dagelijks duizenden vermeldingen in de gaten houdt. Naar verluidt zijn er extra middelen uitgetrokken voor evangelische netwerken, particuliere PR-bureaus en campagnes gericht op universiteiten, influencers, richting een jong publiek.

De omvang van de uitgaven suggereert dat Israel zijn verslechterende imago niet louter als een public relations-probleem beschouwt, maar als een strategische bedreiging. De militaire dominantie van Israel is lange tijd afhankelijk geweest van de politieke, diplomatieke en militaire steun van westerse regeringen, met name van Washington. Naarmate het westerse publiek Israel in toenemende mate gaat zien als een genocidale, apartheids- en expansionistische staat, wordt het voor zijn gekozen leiders moeilijker om onvoorwaardelijke steun te blijven verschaffen.

bron: Middle East Monitor (Londen), 6 mei 2026; vertaling Koen Bos

Wilt u een abonnement op Soemoed nemen?